DNV GL: ‘Zeewier heeft grote potentie als bron van biomassa’

Uit een studie van DNV GL naar het potentieel van biomassa in Nederland tot 2035 blijkt dat biomassa uit de Nederlandse wateren, zoals zeewier, 53 petajoule aan primaire energie te kunnen leveren.

Dit is 26 procent van het totale Nederlandse biomassapotentieel. Daarmee kan de zeewierteelt een belangrijke bijdrage leveren aan CO2-reductie en het behalen van de Nederlandse klimaatdoelstellingen. Gasunie en Natuur & Milieu verkennen samen de mogelijkheden voor het vergroenen van de Nederlandse economie en zijn aangenaam verrast door de potentie die zeewier blijkt te hebben om hier een bijdrage aan te kunnen leveren.

De studie van DNV GL laat zien dat in Nederland in 2035 in totaal circa 203 petajoule aan biomassa beschikbaar kan zijn voor de productie van groen gas. Zeewier blijkt hierin het grootste aandeel  te hebben. Als bron voor hernieuwbare energie biedt het onder andere als voordeel dat het niet met voedselgewassen en landbouwgrond concurreert. Daarnaast vangt het nutriëntenuitstroom van landbouwactiviteiten op in de zee en biedt deze nieuwe sector innovatieve kansen voor de Nederlandse economie. Naast zeewier noemt de studie ook afvalhout en agrarische reststromen als potentiele biomassabronnen.

Zeewierteelt staat nu nog in de kinderschoenen. Om het potentieel van zeewier te ontsluiten, is een krachtig innovatieprogramma nodig. Hierbij moet zowel gekeken worden naar de meest efficiënte ontwikkeling van de teelt, als naar de beste opties om het gewas optimaal te gebruiken.