‘Nederlandse gemeenten hebben te enge blik op duurzaamheid’

Gemeenten vertalen duurzaamheid in het aanpakken van de energietransitie en de circulaire economie, maar de Nationale monitor duurzame gemeenten van Telos, Tilburg University, laat zien dat sociale thema’s net zo belangrijk zijn.

Arme huishoudens en afstand tot basisscholen zijn bijvoorbeeld de afgelopen 4 jaar verslechterd, in Groningen en Limburg en ook in grote steden. Een bredere kijk op duurzaamheid helpt na de verkiezingen van 2018 de juiste prioriteiten per gemeente te stellen. Er is in de monitor speciale aandacht besteed aan de betekenis van de Verenigde Naties (VN) Sustainable Development Goals voor gemeenten.

De monitor maakt het verschil tussen de realiteit van het Haagse Binnenhof, waar gunstige macrocijfers het beeld bepalen en die van de niet altijd even rooskleurige werkelijkheid van de 388 gemeenten in ons land zichtbaar aan de hand van 109 economische, ecologische en sociale indicatoren over de jaren 2014-2017.

In het algemeen scoren middelgrote en krimpgemeenten laag. Wanneer naar de individuele gemeenten en indicatoren wordt gekeken, is het beeld minder zonnig. De recente economische groei doet het aantal verkeersongevallen flink stijgen en de afname van het gebruik van gas in de industrie stagneren. Op economisch gebied zijn over 2014-2017 grote en kleine gemeenten in de Randstad en de provincies Groningen en Limburg teruggevallen. Amsterdam deed het beter dan Rotterdam en Utrecht. In Den Haag is deze periode de economie verslechterd. De economische groei zit vooral ten ‘midden-oosten’ van de Randstad.