TNO: ‘Schone waterstof uit aardgas kan de energietransitie versnellen’

Adviesbureau Berenschot en instituut TNO gaan bekijken wat de mogelijkheden zijn voor de winning van waterstof uit aardgas, met afvang van CO2. Daarmee zou snel een infrastructuur voor waterstof tot stand kunnen worden gebracht.

Ook waterstof uit tijdelijke overschotten aan duurzame energiebronnen, zoals zon en wind, kan te zijner tijd van dit net gebruikmaken. De CO2-vrije waterstof kan onder meer gebruikt worden in de industrie of voor schone elektriciteitsopwekking op momenten met minder zon- en windenergie.

De Topsector Energie, programma Systeemintegratie, heeft recentelijk steun verleend aan Berenschot en TNO om dit verder te onderzoeken op haalbaarheid. Het gaat daarbij om de omzetting waarbij de waterstof wordt gewonnen uit aardgas (methaan) en het bijproduct CO2  meteen wordt afgevangen en opgeborgen in een gasveld. De CO2-afvang vindt dus in feite al bij de bron plaats, zodat alleen de klimaatneutrale waterstof in het energiesysteem in omloop wordt gebracht. Hierdoor komt waterstof vrijwel meteen beschikbaar als CO2-vrije energiedrager. Bij de verbranding daarvan komt alleen water vrij, en geen enkel broeikasgas.

Bovendien kan deze waterstof tijdelijk worden opgeslagen. Daarmee kan een grootschalige buffervoorraad worden gecreëerd van flexibele en emissievrije energie die altijd op afroep beschikbaar is, bijvoorbeeld voor de industrie en voor flexibele elektriciteitsopwekking ter dekking van momenten met minder wind- en zonne-energie.

Met de winning van CO2-vrije waterstof uit aardgas wordt ook een versnelde uitrol voorzien van een infrastructuur voor waterstof (zowel transport als opslag). Waterstof uit overschotten aan duurzame energie (zon en wind) kan daar later gebruik van maken. Het kan gaan om nieuwe infrastructuur, of ombouw van bestaande gasinfrastructuur op waterstof.

Berenschot en TNO doen een integraal haalbaarheidsonderzoek naar de mogelijkheden, waarbij de hele keten wordt beschouwd en waarbij zoveel mogelijk synergieën worden meegenomen. Het is de bedoeling dat de resultaten later dit jaar ter beschikking komen, waaronder voorstellen voor vervolgprojecten. (foto: Hygear)