Tegenstanders windenergie gebruiken zelf vooral valse argumenten

In de Leeuwarder Courant publiceerde Rob van Leeuwen een artikel tegen de Friese plannen voor windenergie. ‘De windlobby gebruikt valse argumenten’ stelt hij zelfs. Wat opvalt is dat de auteur zelf vooral veel oneigenlijke argumenten en drogredenen gebruikt.

Windenergie
©: Stefan Gara

Door Ton Hirdes | directeur van de Nederlandse Wind Energie Associatie (NWEA) 

Wind levert maar een beperkt aandeel aan het totale energieverbruik;  we verbruiken veel meer dan elektriciteit’, verzucht hij.  Niemand die dat ontkent. Maar bij windmolens moet je juist wél kijken naar de bijdrage aan de elektriciteitsvoorziening.

Je verwijt de man bij de dieselpomp toch ook niet dat hij je ipod niet kan opladen? Uiteindelijk moet onze totale energievoorziening duurzaam en schoon worden. Wind kan daaraan een forse bijdrage leveren. Met de plannen tot 2023 kan windenergie ruim 20 procent van het (groeiende) Nederlandse elektriciteitsverbruik voor z’n rekening nemen. Dat kan doorgroeien naar 40 tot 50 procent in 2050.

Kijkend naar Friesland: met het geplande vermogen van 530,5 megawatt is wind goed voor 9 procent van alle in 2020 in de provincie verbruikte energie. Toch wel even meer dan de ‘tienden van procenten’ die de auteur noemt.

Vermindering Co2-uitstoot

‘Windenergie leidt niet tot vermindering van CO2-uitstoot, want fossiele centrales draaien er minder efficiënt door’. De schrijver benut berekeningen op basis van héél veel aannames die toevallig allemaal nadelig voor wind worden meegeteld. Uit échte doorrekeningen van het elektriciteitssysteem blijkt dat windenergie wel degelijk de beloofde CO2 uitspaart; effecten voor conventionele centrales zijn marginaal.

Die moeten trouwens veel meer op- en afschakelen vanwege de voortdurend wisselende vraag naar stroom dan vanwege windenergie. En mét wind voorkom je de nadelen van fossiel: uitstoot van CO2 en fijnstof (gezondheid), het raakt op en komt deels uit politiek instabiele regio’s.

Zonne-energie in plaats van wind

‘Zet in op energiebesparing en zonne-energie in plaats van windenergie’, zegt de schrijver. Niemand ontkent dat die nodig zijn, integendeel! Om de transitie van fossiel naar duurzaam te maken, is het niet of of, maar en en: zon, wind, besparen, biomassa, geothermie én energie uit water. In het Nationaal Energieakkoord staan daarom ook voor besparing en zon forse opgaven.

Bij het opstellen van het akkoord bleek: je kunt niet om windenergie heen om je doelen voor schone energie te halen. Minder wind in de plannen ten voordele van zon? Om de productie van één windmolen van 3 megawatt te vervangen moeten minstens 2000 huishoudens hun volledig elektriciteitsverbruik uit zonnepanelen halen (elk minstens 15 tot 20 panelen) – en dat dus bovenop de forse plannen die er al voor zon zijn.

Meer werk

Energiebesparing en zonnepanelen zouden meer werk opleveren dan windenergie, bovendien werk ‘in Nederland en niet in Duitsland of Denemarken, waar windturbines worden gemaakt’. Afgezien van het feit dat veel zonnepanelen uit China komen, heeft Van Leeuwen het enkel over eenmalige installaties of aanpassingen aan het huis. Windmolens staan 20 jaar en hebben al die jaren onderhoud nodig.

De werknemers daarvoor zullen in Nederland gevonden worden. Die voor de bouw trouwens ook. Cijfers van TNS Nipo en Decisio laten zien dat wind op land en zee nu al goed is voor 8.000 directe en indirecte volle banen; als alle plannen doorgaan wordt dat drie keer zoveel. Bij wind op land zullen dat – ook in Friesland – veel structurele, regionale banen zijn.

Oneigenlijk argumenten en drogredenen

Samenvattend: veel oneigenlijk argumenten en drogredenen. Maar eigenlijk zijn al die argumenten voor de schrijver niet echt relevant. Eigenlijk gaat het hem om wat hij op het einde schrijft: de gevolgen voor het landschap. Hij vindt windmolens niet mooi.

Dat mag, over smaak valt niet te twisten. Maar zeg dat gewoon en laat al die halve waarheden achterwege. Dat windmolens zichtbaar zijn klopt; maar in de Friese plannen wordt juist óók een deel van de kleinere bestaande molens vervangen door minder nieuwe molens, modernere die relatief meer elektriciteit opwekken.

Kortom:  een win-win situatie. Een schonere energievoorziening en voor Friesland werkgelegenheid, economische kansen en het verdwijnen van veel  alleenstaande molens. Het wordt tijd dat de Friese provinciale staten goede beslissingen nemen.

Volg Ton Hirdes op Twitter of lees zijn blog

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Ontvang de nieuwsbrief van Groene Courant!