Energie, subsidie en het dillema van verduurzaming

In een mooie column beschrijft columniste Rosanne Hertzberger het dilemma van verduurzaming aan de hand van de discussie over de 18 miljard euro subsidie voor windmolens.

Een windmolen in het platteland Door Ruud Frijstein | Sr Projectmanager iChoosr | In samenwerking met EnergieExpert, de online community voor wie werkt in, met of voor de energiesector.

Tegenstanders als Hans Wiegel betogen dat deze subsidie concurrentievervalsing is. Hertzberger stelt terecht dat de fossiele industrie al decennia lang gesubsidieerd wordt en dat subsidie op duurzame energie hooguit een correctie is.

Dilemma van verduurzaming

Zichtbaar wordt hier het dilemma van verduurzaming: maatregelen voor het algemeen welzijn van een samenleving, of zo u wilt de mensheid, staan haaks op economische realiteit en marktwerking. En daarmee belandt deze discussie direct in het politieke spectrum.

Ter linkerzijde wordt eerder gestuurd op maatregelen die de maatschappij verbeteren, desnoods tegen de markt in. Ter rechterzijde wenst men marktwerking te maximaliseren en een industriepolitiek te voeren, waardoor onze economie geen concurrentienadeel ondervindt.

Subsidie op fossiele energie

Vast staat dat niet alleen Nederland, maar de hele wereld, al sinds de industriële revolutie fossiele energie subsidieert vanuit maatschappelijke middelen. Dit is wel degelijk het geval, omdat de maatschappelijke kosten van delving, productie en afval van energieproductie niet in de prijs van het product zijn inbegrepen.

Dit geldt overigens voor alle industrie. Of het nu gaat om zoutwinning, chemische industrie of de productie van energie: alle bedrijven zullen hun verantwoordelijkheid voor maatschappelijke lange termijnkosten willen minimaliseren. Dat doen ze al decennia en het is de voornaamste reden waarom we veel welvaart kennen ten koste van een steeds verslechterende leefomgeving.

Zelfreinigende aarde

Tot in de jaren 70 van de vorige eeuw konden we nog geloven in een zelfreinigende aarde; de aardbol als een enorme afvalverwerker die het probleem vanzelf wel oplost. We stortten ons afval in de oceaan, in de rivier of in de lucht en moeder aarde zou wel voor de verwerking zorgen.

Inmiddels weten we, wijs geworden door zeeën van plastic, Fukushima, temperatuurstijging, El Niño, aardbevingen in Groningen en vergiftiging van onze voedselketen, dat de mens zelf verantwoordelijkheid moet nemen. Tenslotte ontregelen wij op een fundamenteel niveau de natuur. En daarmee verzieken we letterlijk onze leefomgeving, voor nu en in de toekomst.

Subsidie op duurzame energie: politiek leiderschap

Omdat geen enkele industrie zich de kosten zal toe-eigenen voor de veroorzaakte schade, kunnen enkel overheden ons nog redden. Zij kunnen ons redden door tegen de markt in te sturen. Door windmolens te subsidiëren en zonne-energie te stimuleren. Door niet meer garant te staan voor de potentiële schade van een falende kernreactor. Door niet meer de industrie te vrijwaren van de maatschappelijke kosten van hun eigen vervuiling.

 Het is onvermijdelijk dat ons land hierdoor een zwakkere concurrentiepositie krijgt: overheidsmiddelen (ons geld) volgen immers niet meer de weg naar de economisch best renderende investering. Aan de andere kant creëert het ook een kans: moreel en politiek leiderschap in een wereldeconomie, waarin bijna alle andere landen zich een zwakkere concurrentiepositie nog minder kunnen veroorloven en dus per definitie eerder zullen volgen dan leiden…

Wilt u reageren? Klik dan hier.

Foto copyright: Diogo Martins

Ontvang de nieuwsbrief van Groene Courant!