Energieakkoord is zó 2013! Brussel, bedankt…

Het SER Energieakkoord sloot afgelopen september een lange, nationale discussie af over de vraag wat de EU doelen voor energiebesparing en de inzet van hernieuwbare energie precies moeten betekenen voor Nederland. Amper bekomen van deze zware bevalling lijkt het erop dat we ons klaar moeten maken voor een volgend energiepakket uit Brussel. Nieuwe ronde, nieuwe kansen?

Het Europees Parlement

Jan Albert Timmerman | Oprichter / Juridisch Adviseur RenewabLAW | In samenwerking met EnergieExpert, de online community voor wie werkt in, met of voor de energiesector.

Energieakkoord: t.h.t. 2020

De doelen uit het Energieakkoord kwamen voort uit het energiepakket van de EU en laten zich het beste samenvatten als de 20-20-20 regel. In 2020 moet volgens de EU het doel zijn om 20 procent minder CO2-uitstoot te hebben, om het energieverbruik met 20 procent te verminderen en om 20 procent van het totale energiegebruik afkomstig te laten zijn uit hernieuwbare energiebronnen.

In het SER Energieakkoord is de Nederlandse omzetting van deze algemene EU-doelen deels vastgelegd. Momenteel zijn alle belanghebbenden, afhankelijk van hun rol, dan wel bezig met het opstellen van wet- en regelgeving of beleid, dan wel het met het becommentariëren van de in dat kader verschenen concepten. Op http://www.energieakkoordser.nl/nieuws.aspx is goed bij te houden wat er op de agenda staat.

Maar, nadat het zweet van het voorhoofd is gewist en Nederland straks met opgeheven hoofd aan Brussel kan melden dat we nu ook aan de 20-20-20 regel voldoen, staat ons een nieuwe klus te wachten.

Energiedoelstellingen 2030

Omdat Brussel, in tegenstelling tot onze minister-president, wel degelijk gelooft in vergezichten, zijn onlangs de energiedoelstellingen voor 2030 geformuleerd door de Europese Commissie. Op http://ec.europa.eu/clima/policies/2030/index_en.htm kun je lezen wat het ‘framework’ is dat de regering van Europa voor ons in gedachten heeft. Let wel, de lidstaten en het parlement moeten hier natuurlijk nog wel iets van vinden. Goed is om in het achterhoofd te houden wat Brussel wil dat in 2030 is bereikt.  Een korte opsomming:

Vermindering uitstoot broeikasgassen met 40%

Dit percentage wordt berekend ten opzichte van het niveau van 1990 en de vermindering zal primair aangepakt moeten worden door  de sectoren die onder de ETS verplichtingen vallen. Deze dienen de uitstoot van broeikasgassen te verminderen met 43% ten opzichte van de uitstoot in 2005.

Minimaal 27% hernieuwbare energie

Er wordt gemikt op een toename van de hoeveelheid verbruikte hernieuwbare energie in het totale energieverbruik tot minimaal 27%. Het idee is wel dat dit geen nationaal doel is, maar een EU-doel. Als de ene lidstaat iets meer doet, kan de andere lidstaat iets minder doen. Bedoeld is dus niet om elk land  op die 27% af te rekenen.

Voortdurende verbeteringen op het gebied van energiebesparing

Je zou menen dat er ook voor 2030 een harde doelstelling zou moeten zijn op het gebied van energieefficiëntie, ofwel energiebesparing. Klaarblijkelijk waren de geesten daar nog niet klaar voor. De doelstelling is nu om voortdurend tot verbeteringen in energieefficiëntie te komen. Maar of dit nu een serieuze doelstelling is? Alsof er een keuze zou zijn om bewust in te zetten op het verslechteren van de mogelijkheden om energie te besparen…

40-27-? voor 2030

Evengoed hebben we weer iets om naar uit te kijken en wellicht is het handig om in de governance van het Energieakkoord nu ook al naar dit framework te kijken. Dit bespaart ons zeker verrassingen en haastwerk. Aan de Commissie Borging Energieakkoord, en meer specifiek de heer Nijpels, deze schone taak!

Wilt u reageren? Klik dan hier

Foto copyright: inyucho

Ontvang de nieuwsbrief van Groene Courant!